16-02-12

Integratie

Een vraag, deze week in het Vlaams Parlement: tot wanneer mag of moet de overheid mensen die nieuw zijn in onze samenleving trachten te integreren?

Wanneer de eerste generatie immigranten ergens zijn toekomst wil uitbouwen is het logisch dat je hen wegwijs maakt, hen helpt een nieuwe thuis te vinden, voor zichzelf in te staan. Inburgering dus. Ook de tweede generatie kan nog baat hebben bij begeleiding in de nieuwe samenleving: het is normaal dat ze nog problemen heeft met de taal van die samenleving die hoogstwaarschijnlijk thuis niet wordt gesproken bijvoorbeeld. Er moeten nog integratie-inspanningen geleverd worden. Maar wanneer dan stopt de bemoeienis, de zorg, de steun, …of hoe je het noemen wil, van de overheid met wie nieuw is in Vlaanderen omdat hij/zij nieuw is?

Na de tweede generatie, zegt het Vlaams integratiedecreet.

Nu was er in het Vlaams Parlement een discussie omdat iemand van de meerderheid (Sonja Claes, die ook burgemeester is van Heusden-Zolder) vond dat sommige Vlamingen die in de derde generatie van een andere etnisch-culturele achtergrond afstammen, ook nog baat zouden hebben van het integratiedecreet. Ze verwees naar bepaalde wijken in Heusden-Zolder waar alleen allochtonen van Turkse afkomst wonen, en waar de integratie ondanks twee generaties niet opschiet.

Khadija Zamouri was het daarmee niet eens. Khadija is een tweedegeneratie-allochtone van Marokkaanse afkomst. Ze is opgegroeid in Hoboken in een gezin van elf kinderen, ze genoot middelbaar onderwijs in een van de grootste concentratiescholen van het land, ze is gehuwd met een Vlaming en woont vandaag in Brussel. Enkele maanden geleden volgde ze Sven Gatz op in het Vlaams Parlement.

Het parlementair verslag over de bewuste commissievergadering slaagt er niet in om de gloed van haar betoog te vatten. Als je de woorden herleest, voel je niet langer hoe ze uitgesproken werden in die zinderende stilte die toehoorders uitademen als ze in hun hart worden geraakt. Vanuit haar buik klonk Khadija zo overtuigend over integratie, over gelijke kansen en over verantwoordelijkheid, dat de bevoegde minister van Integratie, Geert Bourgeois, aan Sonja Claes niets anders kon zeggen dan dat hij de woorden van mevrouw Zamouri, nochtans lid van de oppositie, bijtrad. Minister Bourgeois zei natuurlijk meer dan dat, zo functioneert de politiek nu eenmaal.

Ik was gisteren heel fier op Khadija, die nog maar goed een half jaar lid is van de Open Vld-fractie. Op basis van de voorlopige handelingen van de commissievergadering vat ik haar betoog samen:

“We moeten ook de nadruk leggen op verantwoordelijkheid. Hoe lang moeten we allochtonen inburgeren? Hoe lang moeten we ze bekijken als allochtoon? Ja, ze moeten als ze hier aankomen worden opgevangen, begeleid en wegwijs gemaakt, via inburgering en integratie. Daarna moeten andere overheden het heft overnemen. Onderwijs en echte tewerkstelling zijn de belangrijkste wapens om mensen van een andere origine vooruit te helpen. (…) Als we vooruit willen, als we een diverse samenleving willen, moeten we echt af van het wij-en-zij-denken. We moeten daar op een bepaald moment een lijn onder trekken. We moeten daarmee stoppen, daarmee durven stoppen. Vanaf de derde generatie moeten allochtonen zelf de verantwoordelijkheid opnemen, moet de samenleving haar verantwoordelijkheid opnemen, en andere overheidsstructuren dan inburgering en integratie. Dan moeten we echt korte metten maken met integreren en maar blijven pamperen, draaien en doen. Integreren moet, iedereen heeft een duwtje in de rug nodig en gelijke kansen op alle terreinen, dat geldt zeker voor de allochtone gemeenschap. Maar op een bepaald moment moeten we zeggen: van hieraf moet je gaan.”

Zo is dat, Khadija, mooi gezegd.  

09:08 Gepost door peter | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook | | |

De commentaren zijn gesloten.