30-03-12

Een magneet voor gelukzoekers

Onlangs maakte Eurostat, de Europese dienst voor statistieken, bekend hoeveel mensen in 2011 in de hele Europese Unie (27 lidstaten) asiel hebben aangevraagd. Het waren er 301.000, een stijging met 40.000 tegenover 2010. Het hoogste aantal asielzoekers werd geregistreerd in Frankrijk, Duitsland en Italië. Als een van de kleine landen eindigde België toch vierde, met 31.900 asielzoekers.

België scoorde ook de vierde plaats in de relatieve rangschikking (aantal asielzoekers in verhouding tot de bevolking), logisch gesproken na andere landen met weinig inwoners als Malta, Luxemburg en Zweden. In 2011 werden in België 2.925 asielzoekers per miljoen inwoners geteld. Het gemiddelde voor de EU is 600 per miljoen inwoners. In onze buurlanden Nederland (875), Frankrijk (865), Duitsland (650) en het Verenigd Koninkrijk (425) is de instroom in verhouding tot het aantal inwoners vele malen kleiner. Die hoge cijfers voor België zijn onmogelijk nog normaal te noemen.

Vorig jaar, zo leert Eurostat nog, heeft België voor 19.825 asielaanvragen een beslissing genomen. Het ging in 14.750 gevallen om een afwijzing (74,4%).  Een afwijzing betekent nog niet een uitwijzing, zo zal inmiddels iedereen in België wel weten.  Op grond van de instroom aan asielzoekers blijkt ons land (opnieuw) een magneet voor gelukzoekers te zijn.

Ik bedoel dat niet smalend, ik heb het grootste begrip voor elk individu, voor elk gezin dat wil ontsnappen aan een onleefbare toekomst in een land waar geen werk is of waar je van werken amper kunt overleven, waar geen of nauwelijks sociale zekerheid bestaat, waar het onderwijs onbetaalbaar is of alleszins je kinderen niet voorbereidt op een betere toekomst. En dan zwijg ik nog over de echte redenen die asielzoekers kunnen hebben om hun land te ontvluchten: schendingen van mensenrechten, oorlog en geweld, dictatuur en vervolging omwille van meningen, geloof, seksuele aard, etc. Ik geef iedereen, alle ouders die kans zien om een uitzichtloze omgeving te ontvluchten naar een betere toekomst in wat vanuit hun perspectief een land van melk en honing lijkt, gelijk. Ik acht het waarschijnlijk dat ik in hun plaats hetzelfde zou doen.

Oorzaken

Dat België in sommige streken hoog staat aangeschreven als zo’n land van melk en honing, heeft verschillende oorzaken. De regularisatiegolf van 2009, die nieuwe gelukzoekers hoop geeft om na enkele jaren in de illegaliteit aan papieren te kunnen geraken. Het stopzetten van een effectief uitwijzingsbeleid. Filières die erin lukken snel en efficiënt grote aantallen gelukzoekers te verzetten (de drie grootste herkomstlanden van asielzoekers waren vorig jaar bijvoorbeeld Afghanistan, Rusland en Guinee). De vertrouwdheid van zo’n filières met enkele gaten in de wetgeving die het bijvoorbeeld mogelijk maken hier snel aan een uitkering te geraken.

En er is ook de hulp van binnenuit: een krachtige lobby van medestanders allerhande (politici en militanten van partijen met een sterke tiersmondistische reflex, OCMW-medewerkers, vzw’s specifiek voor vluchtelingenwerk, geëngageerde vrijwilligers en professionelen uit de brede integratiesector, breeddenkende studenten, publicisten, advocaten, artsen en gezondheidswerkers,… deze zuil zou eens in kaart moeten worden gebracht) neemt het niet enkel op voor asielzoekers maar ook voor arme sloebers uit nieuwe EU-lidstaten die van het vrij verkeer van personen genieten of voor illegalen en hongerstakers.  

De asielpoort is immers niet de enige waarlangs immigratiedruk op ons land wordt uitgeoefend. Asielzoekers zijn dankzij die asielaanvraag gekend en geregistreerd. Het aantal illegalen niet. Velen komen het land in zonder asiel aan te vragen. Of blijven in het land als hun aanvraag wordt afgewezen, zelfs als ze helemaal uitgeprocedeerd zijn leggen ze vaak een uitwijzingsbevel naast zich neer.

Een andere grote poort is de gezinsvorming en gezinshereniging. Het gaat jaarlijks om zo’n 30.000 nieuwkomers. Uit onderzoek blijkt dat nog steeds veel te veel vreemdelingen die bij ons verblijven of Belgen van bijvoorbeeld Marokkaanse of Turkse origine hun partner (en daaropvolgend zijn of haar familie) in het herkomstland halen. Door het huwelijk met een Belg kunnen deze nieuwkomers meteen ook Belg worden en verdwijnen ze uit de statistieken als vreemdeling. Deze volgmigratie heeft op de integratie het effect van een processie van Echternach.   

Uit bovenstaande mag duidelijk zijn dat België aan een sneltempo en onomkeerbaar verkleurt.  Deze week zette De Standaard op haar voorpagina dat in Vlaanderen één op vier kinderen tussen 0 en 5 jaar van vreemde afkomst is. Massale immigratiegolven in een relatief korte tijdsspanne vormen enorme uitdagingen en leveren ook grote problemen op: problemen van vervreemding en verdringing, van gettovorming, van discriminatie en racisme,  integratieproblemen, capaciteits- en draagkrachtproblemen voor de welvaartsstaat waarin we leven.  Het beleid volgt een immigratiegolf slechts schoorvoetend. Gewoonlijk duurt het enkele jaren vooraleer het de overheid lukt zich af te stellen op nieuwe, dringende actie vragende maatschappelijke ontwikkelingen.

Verschillende visies

Vooral de Vlaamse overheid leverde de voorbije jaren inspanningen die door de Franstalige overheden tot nog toe nagelaten werden, gewoon omdat zij anders tegen de zaak aankijken.  Als lid van de internationale francofonie heeft Franstalig België al wat immigratievarkentjes in een assimilatiebad gewassen: de massale immigratie van enkele honderdduizenden Vlamingen in de bloeitijd van de Waalse industriële centra liet in Wallonië vandaag weinig meer Vlaamse sporen overeind dan de familienamen. Sedert het ontstaan van het officieel Franstalige België werd ook de Vlaamse meerderheid in de hoofdstad Brussel in minder dan 200 jaar een (weliswaar beschermde) nog steeds slinkende minderheid.  Voor Franstaligen stond integratie lange tijd gelijk aan assimilatie en verfransing in die superieur gewaande taal en cultuur. Met de recente immigratiegolven lukt dit niet zo goed meer. Het Frans verliest er de jongste jaren ook steeds verder terrein.

In Vlaanderen domineert, ook om historische redenen, een andere visie op immigratie. Vlaanderen heeft  een beleid in de steigers gezet dat  gericht is op integratie. Zij het alvast uitgaand van een premisse die normaliter enkel  onafhankelijke staten aankleven:  nieuwe groepen inwijkelingen moeten bereid zijn de lingua franca van het grondgebied aan te leren en zelfredzaam worden.  Om historische redenen staan de bescherming van het Nederlandstalig karakter van Vlaanderen  (in het bijzonder in de Vlaamse Rand rond Brussel en langsheen de taalgrens) en het overeind houden van het Nederlands in Brussel al lang hoog op de Vlaamse politieke agenda.  Weinig sectoren boomden de voorbije jaren zo als die van de Nederlandse taallessen voor anderstaligen.

Enkele voorbeelden van Vlaams integratiebeleid dat de jongste jaren gestalte kreeg :  decretale regels om alle kinderen gelijke onderwijskansen te waarborgen (dankzij de liberale onderwijsminister Marleen Vanderpoorten), maatregelen om nieuwkomers in te werken op de arbeidsmarkt, de taalbereidheid in de sociale huisvesting, de inspanningen om de leefbaarheid van concentratiewijken te verbeteren en het samenleven in diversiteit, eerst in de steden maar stilaan ook in de kleinste dorpen, te vergemakkelijken.

Maar de basispijler van dit beleid is het gestructureerde,  gedecentraliseerde en kosteloze  inburgerings- en integratiebeleid. De beleidssteen die de loop van de rivier heeft gewijzigd,  door de verplichte toepassing op nieuwkomers van buiten de EU en op wie zich via gezinsvorming en gezinshereniging met een Belg permanent in Vlaanderen vestigt, werd door minister Marino Keulen gelegd.  Ook EU-onderdanen hebben recht op zo’n gratis inburgering. België herbergt immers met Brussel de hoofdstad van de EU en de Navo-zetel en trekt daardoor ook heel wat bemiddelde EU-onderdanen aan die zich hier tijdelijk of permanent vestigen.

Tussen haakjes: in Brussel bracht de som van deze al jaren durende legale en illegale immigratie via de verschillende poorten, zowel van buiten als van binnen de EU, recent een ware bevolkingsexplosie aan het licht. Die zorgt niet enkel meer voor diversiteits- en samenlevingsproblemen maar voor problemen op alle denkbare terreinen binnen de hoofdstedelijke regio en, zo wordt met de dag duidelijker, door de verhuizing van toenemende aantallen bewoners van vreemde origine uit Brussel naar de brede Rand, ook tot ver daarbuiten.

Onvoldoende resultaten

Doet Vlaanderen genoeg? Levert dit beleid resultaten op? Onvoldoende.  Statistieken wijzen op het tegendeel, recente nieuwsfeiten waren evenzovele alarmkreten.  Het beleid van vandaag is onvoldoende opgewassen tegen de kracht waarmee de ongecontroleerde immigratie op Vlaanderen inbeukt. Uit statistieken blijkt dat achterstandskenmerken niet weggewerkt geraken. Het Loonkloofrapport reveleerde dat slechts vier op tien inwoners met de nationaliteit van een land buiten de EU werken. Dit cijfer is de voorbije jaren nog gezakt in plaats van gestegen. Nog problematischer is dat bij de vrouwelijke vreemdelingen slechts 26 procent een job heeft.

Tegelijk doen zich grote capaciteits- en andere problemen voor.  Dat is in Vlaanderen vooral duidelijk in het onderwijs: we hebben scholen en leerkrachten te weinig en ontzettend veel jongeren (vooral van vreemde origine) verlaten de school zonder diploma. In Brussel is de toestand van het Nederlands onderwijs dramatisch, die van het Franstalig onderwijs zo mogelijk nog erger. Werkloosheid en kansarmoede zijn vooral in onze grootste steden schering en inslag, met schrikbarende aantallen mensen van allochtone origine die beroep doen op een leefloon.  Met vaak overlast, crimineel of ander niet aanvaardbaar gedrag als homobashing, of het lastig vallen van vrouwen en meisjes die zich niet sluieren of te “onzedig” zijn uitgedost. Met gevangenissen die vol zitten met misdadigers van allochtone origine.

De media belichten bepaalde van die uitwassen misschien in overdreven mate.  De aandacht die een in de ogen van vele moslims onbetekenende splintergroep als Sharia4Belgium bijvoorbeeld krijgt, voedt de vrees bij een bepaalde autochtone publieke opinie voor een islam op Europese veroveringstocht.  Ook nieuwsberichten over homobashing of over een fanatiek debat over (voor of tegen) de hoofddoek creëren de perceptie dat een groeiende minderheid zich niet wil integreren maar de wet wil dicteren. Dat de baas van de staatsveiligheid het nodig vond publiek te maken dat hij de salafistische sharia4belgium wil verbieden, bevestigt het beeld dat alle moslims te vrezen zijn, hoe terecht de vrees ook is die hij uitte n.a.v. de terreur van de moslimextremist van Algerijnse origine Mohammed Merah, dat de salafisten (minder dan 0,2% van de moslims in België) de grootste bedreiging vormen voor de democratie in West-Europa.  Het helpt de strijd tegen racisme en discriminatie niet.

Diepe kloof

Het is evident dat de grote instroom van migranten in België en dus ook in Vlaanderen mede zijn verklaring vindt in de versnippering van de bevoegdheden over asiel-, migratie- en inburgeringspolitiek in ons land. Daarbovenop hebben de verschillende visies van de Vlaamse en de meeste Franstalige politieke partijen (PS, CDH, Ecolo), de totstandkoming van een kordaat, snel en coherent beleid op federaal vlak jarenlang  parten gespeeld. Tekenend is dat in een periode van lopende zaken in het federaal parlement verstrengingen werden doorgevoerd van de regels op de gezinshereniging, die onder een met volle bevoegdheid besturende regering voorheen politiek onhaalbaar waren.

Hoe diep de kloof tussen deze Franstalige partijen en de Vlaamse is, werd geïllustreerd door de bemoeienis van een PS-senator aan boord van een vliegtuig met de uitwijzing van een illegaal naar Marokko.  De Vlamingen zullen niet licht vergeten dat de eerste Franstalige premier van het land sinds decennia  in eerste instantie weigerde afstand te nemen van zijn partijgenote.  Pas toen bekend raakte dat de senator het opgenomen had voor een beroepsmisdadiger die al 16 jaar illegaal in België verbleef, in die periode 42 keer was opgepakt onder acht verschillende valse namen en 20 bevelschriften om het grondgebied te verlaten naast zich had neergelegd, werd Di Rupo bereid gevonden een persmededeling uit te sturen waarin hij beklemtoonde “dat er met uiterst strenge hand moet opgetreden worden tegen misdadigers die illegaal in ons land verblijven en voor wie geen plaats is in België”.  

Maar ondanks aandringen van de Vlaamse partijen in de Kamer, slaagde hij erin met geen woord over zijn partijgenote te reppen. Dat uit de sociale media intussen blijkt hoe PS-senator Fatiha Saïdi in Franstalig België glorieert als verzetsheldin voor de Franstalige verdraagzaamheid en tegen het Vlaamse racisme, illustreert nog eens de afgrond die vele Vlamingen en vele Franstaligen in België tussen elkaar voelen gapen. Maar de aangelegenheid illustreert evengoed het gebrek aan inzicht bij de leidende Franstalige politieke klasse dat ze met die houding het land nog verder uit elkaar aan het drijven is.

Draagkracht

Hoewel dit ook in Vlaamse politieke partijen nog als een taboe geldt, kunnen we niet lang meer de ogen blijven sluiten voor de Europese vergelijkingen, binnenlandse statistieken en de toenemende alarmkreten over capaciteitsproblemen in tal van sectoren die aantonen dat de draagkracht van de Belgische en Vlaamse samenleving voor een immigratie aan dit tempo overschreden is.

Net als de gezondmaking van de publieke financiën, de hervorming van onze federatie of de terugdringing van het overheidsbeslag, hoort de federale regering ook het dalen van de immigratiecijfers naar het niveau van het Europees gemiddelde te beschouwen als een absolute prioriteit. Het asiel- en immigratiebeleid is voor de Vlaamse partijen die de gok hebben gewaagd om als Vlaamse minderheid in de regering van de Franstalige PS-premier te stappen, evengoed als de drie andere een thema waarop in 2014 effectieve resultaten moeten kunnen worden voorgelegd als ze niet het risico willen lopen verder gekannibaliseerd te worden.  

Gelukkig heeft de leiding van Open Vld dit ingezien. Door de portefeuille van asiel en migratie op te eisen en aan de liberale Maggie De Block toe te vertrouwen, heeft de partij tot 2014 de tijd om een betekenisvolle kentering in het asiel- en migratiebeleid te bewerkstelligen. Deze week keurde de ministerraad alvast haar ambitieuze plan goed waarmee op een structurele wijze de instroom van asielzoekers moet dalen en de uitstroom moet stijgen.

Tegen racisme

Vlaanderen zal de komende jaren verder moeten leren leven met een immigratiegolf die zich in heel Europa voordoet.  Vlaanderen kan niet homogeen Vlaams blijven zoals het ook al lang niet meer homogeen katholiek is, maar zal nog diverser en kleurrijker worden dan vandaag. Veel Vlamingen zijn hiervan nog altijd niet doordrongen.  Ze beschouwen de intrede van de diverse samenleving als een omkeerbaar verschijnsel dat we eerst nog een tijdje zullen moeten uitzweten.

Deze week vertelde een bestuurder van een huisvestingsmaatschappij me dat autochtone kandidaat-huurders meer en meer bezwaar maken tegen de toewijzing van een woning in een straat waar al veel allochtonen wonen. Of dat autochtonen die in een sociale woning tussen veel allochtonen wonen, om een verhuizing naar een “witte wijk” verzoeken.  De bestuurder, niet meer van de jongste, krabde zich al in het haar bij de problemen die hij voorspelt eens “de vreemden ook een beroep zullen willen doen op onze rusthuizen”.

De Vlaamse overheid en de Vlaamse politici staan aan de vooravond van lokale verkiezingen. Ze hebben nog een grote sensibliseringsopdracht te volbrengen en een actieve strijd tegen racisme en discriminatie te voeren.  En daarnaast zit er in Vlaanderen niets anders op dan dat de Vlaamse regering op alle terreinen meer capaciteit, daadkracht en middelen opbrengt om van de nieuwkomers nieuwe Vlamingen te maken, die Nederlands spreken, een diploma halen, een job uitoefenen en aangemoedigd worden om mee te doen met hun buren, collega’s, vrienden en kennissen aan de Vlaamse gemeenschap. 

14:05 Gepost door peter in Actualiteit, integratie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook | | |

De commentaren zijn gesloten.