06-09-12

Smet: enerveren in plaats van realiseren

Nog meer dan voorgaande jaren was Onderwijsminister Pascal Smet (SP.A) tijdens de eerste schoolweek te zien, te horen en te lezen. Hij bracht (voor zover ik dat kon traceren) schoolbezoeken in Deinze, Zemst, Antwerpen-Noord, Arendonk en Geel.  Ongetwijfeld volgt nog een zwik terrein- en studiobezoeken als de aula’s van onze hogescholen en universiteiten terug opengaan.  Het lijkt erop dat de Brusselse minister een grenzeloze belangstelling opbrengt voor wat leerlingen, studenten, leerkrachten of directies bezighoudt. Vergis u niet. Hij stelt zich in steden en gemeenten vooral op als mobiele socialistische verkiezingsaffiche.

Dit moet de eerste minister van Onderwijs zijn die zoveel lawaai maakt en zo weinig klaar krijgt. Hij wordt wel eens geprezen omdat hij op het Duracell-konijn lijkt, met zijn hyperkinetische, voluntaristische en impulsieve karakter. Maar dat karakter heeft niets te maken met de belangrijkste eigenschap van het Duracell-konijn zoals ik me het herinner uit de reclamespotjes:  langer dan de andere konijntjes driftig met het kopje zwaaien en op een trommeltje slaan, zonder verder te bewegen. Wat Smet nu al drie schooljaren volhoudt.

Overdreven, denkt u. Ja, ik geef het toe: de minister krijgt af en toe wel iets klaar. Vorig jaar slaagde hij er bijvoorbeeld tijdig in om voldoende containerklassen te laten bouwen, om alle leerlingen in Vlaanderen onder een schooldak te krijgen. Maar dat let niet dat het wachten blijft op resultaten bij de grote uitdagingen waar hij voor staat.

Zo kan het toch niet de bedoeling zijn onze kinderen tot in de eeuwigheid school te laten lopen in containers?  Uit zijn vele interviews leerden we deze week dat hij de opdracht om de fenomenale achterstand weg te werken in de scholenbouw (de kostprijs voor de bouwdossiers die liggen te wachten bedraagt over alle onderwijsnetten samen een kleine € 5 miljard), nu al doorschuift naar de volgende regering.  Hij is wel bereid in de tijd die hem rest ‘de lijnen uitzetten’. Ja, zo is het wel gemakkelijk.

Het al jaren dreigende tekort aan leerkrachten vormt nog zo’n uitdaging. Smet trommelde enkele ideetjes rond over zij-instromers die hij wil toelaten anciënniteitsjaren mee te nemen en over jonge leerkrachten die sneller een contract van onbepaalde duur zullen krijgen. Voornemens en ideetjes alweer,  geen realisaties.  Opvallend minder wijdverspreid in de media pikten we nog ergens op dat de dringende maatregelen die hij had aangekondigd voor het buitengewoon onderwijs,  weer  worden uitgesteld. Tja, spijtig, van de lessen Latijn en de toekomst van het ASO liggen blijkbaar meer mensen wakker dan van al die types in het BUSO.

De derde werf is inderdaad de hervorming van het secundair onderwijs, waarover Smet voor het reces ideeën wereldkundig maakte, die meteen werden neergesabeld, met opmerkelijke wellust zelfs door een coalitiepartner. In de media maakte hij zich de voorbije dagen echter alweer sterk: het debat wordt de komende maanden afgerond, en dan ‘kan ik slagen in wat mijn voorgangers de laatste 20 jaar niet is gelukt’.  Als ik zoiets lees, komen mijn stekels recht. Grootspraak is in de politiek vaak de snelste weg naar mislukking, wist Steve Stevaert al met zijn bekende boutade over wie op jacht gaat met de fanfare op kop.

En dan is er nog het laatste monster waarover Smet veel spreekt maar dat nog niemand heeft gezien: het loopbaanpact. Ook daarvan zegt hij al enkele jaren met de regelmaat van de klok dat hij er druk mee bezig is, dit keer achter de schermen om de slaagkansen niet te verkwanselen. Maar evengoed zonder merkbaar resultaat. Nu roffelt de konijnentrom dat het pact er komt eind dit jaar, begin volgend jaar. Eerst zien.

Het wordt dus een cruciaal schooljaar voor minister Smet.  Zal hij in staat zijn op even kordate manier te beslissen als aan te kondigen? Zal hij daarbij de regering mee krijgen?  Ik betwijfel het.  En al zeker als ik lees dat de minister zich ‘niet kan indenken dat een regeringspartner niet wil investeren in onderwijs’. Regeringspartners reageren meestal gecrispeerd als anderen hun via de media komen vertellen wat ze moeten denken, doen en laten. Het is dus maar de vraag of de Vlaamse coalitiepartners Smet nog iets gunnen.  

Bovendien: hoeveel macht heeft de SP.A na 14 oktober nog in de Vlaamse regering? En misschien bovenal: hoe zwaar weegt Smet nog in zijn eigen partij? Willen zijn collega’s Ingrid Lieten en Freya Van den Bossche dat Duracell-konijn uit Brussel de macht en de middelen (vooropgesteld dat die nog voorhanden zijn) toeschuiven om hem een goed rapport te laten halen, indien het voor iedereen in de SP.A binnenkort wel eens sauve qui peut zou kunnen worden? Hebben Van den Bossche, bijvoorbeeld met de inhaaloperatie in de sociale huisvesting, en Lieten, bijvoorbeeld met het uitgavenpad inzake wetenschappelijk onderzoek, niet ook nog hun katjes te geselen?  

De geweldige media-week van Pascal Smet heeft mij alvast iets duidelijk gemaakt. Dat de Brusselse minister, ondanks het brokkenparcours uit zijn politiek verleden, nog niet geleerd heeft dat te lang alleen blijven trommelen iedereen op de zenuwen werkt.

 

21:11 Gepost door peter in Actualiteit, media, onderwijs | Permalink | Commentaren (0) | Tags: pascal smet, vlaamse regering, sp.a |  Facebook | | |

De commentaren zijn gesloten.